Internationaal Cider Festival 2016

Mijn eerste ervaring met cider was alweer veertien jaar geleden, op vakantie in Engeland. In een jeugdhotel in Bath maakten we met een paar gasten een tweeliterfles koud. Pas jaren later, tijdens een reis door Normandië, kwam ik erachter dat cider veel meer kan zijn dan goedkope drank die smaakt naar bruisend appelsap.

In Nederland was goede cider maar moeilijk te vinden. Daarom besloot Wouter Bijl zelf te gaan importeren en hij opende zijn winkel CiderCider, gevestigd in de Fenix Food Factory. Wouter is ook een van de organisatoren van het Ciderfestival. Op dit terugkerende festival kan het publiek kennis maken met cider uit onder andere traditionele ciderlanden als Frankrijk en Spanje, maar ook uit Nederland en zelfs Letland.

Vernieuwing en traditie

Abavas appelwijn en rabarberwijn
Abavas appelwijn en rabarberwijn

Om maar met die laatste te beginnen: een ciderproducent uit Letland is al bijzonder, maar als er dan ook nog eens rabarberwijn op de proeftafel staat, heb je mijn aandacht. Terwijl ik verwonderd naar deze fles van het familiebedrijf Abavas sta te staren, komt eigenaar Martins Barkans aanlopen.

Barkans werd opgeleid bij een modern Duits wijnbedrijf. Zijn eigen wijngaard is nog jong, afgelopen jaar heeft hij voor het eerst geoogst. Omdat een wijngaard beginnen in Letland een hele uitdaging is, past hij zijn kennis nu ook op andere vruchten toe, alles volgens de modernste technieken. Hij laat me alles proeven wat hij heeft meegenomen, van een droge cider die bijna voor een riesling door kan gaan tot een bosbessenwijn waarin alle fruitaroma’s prachtig bewaard zijn gebleven. Barkans weet waar hij mee bezig is, dat is duidelijk. De rabarberwijn is mijn favoriet: droog, elegant, lekker bittertje in de afdronk, en ook nog eens in een mooie fles.

De traditionele wijze om cider in te schenken
De traditionele wijze om cider in te schenken

In Spanje wordt traditioneel wel veel cider geproduceerd én gedronken. Bij de stand van La Sidra krijg ik een Sidra Natural van El Güelu te proeven. Een ongefilterde cider, traditioneel ingeschonken: van hoog in de lucht in een breed glas. Je moet het dan gelijk achterover slaan voor de beste smaak, zo vertelt Raúl Henriquez van Ciderman Import uit Pieterburen, en ook een van de organisatoren van het festival. Hij kwam in aanraking met cider via zijn vrouw, die familie heeft in het zuidwesten van Engeland, waar veel cider wordt geproduceerd. Hij richtte zich met zijn bedrijf in eerste instantie dan ook vooral op de import van cider vanuit het Verenigd Koninkrijk. Nu zet hij zich in voor de promotie van cider door heel Nederland.

Gezellige drukte op het Cider Festival
Gezellige drukte op het Cider Festival

Thistly Cross

Meerdere bezoekers en standhouders vertelden me dat ik de whisky cask cider van het Schotse familiebedrijf Thistly Cross echt eens moest proberen, een cider die op whiskyvaten heeft gelegen. Er staat een lange rij bij de stand, maar eindelijk ben ik aan de beurt. Terwijl ik proef, vertelt exportmanager Luke Fenton me meer over het bedrijf, dat in 2008 is gestart. Het bedrijf werkt met een appeldonatiesysteem: voor iedere zeven kilo appels die je inlevert, krijg je een fles cider terug. Dat betekent dus dat niet ieder jaar dezelfde ciders gemaakt worden, omdat ze afhankelijk zijn van het aanbod. Of zoals Fenton zegt: “we pakken alle appels die we kunnen krijgen en maken er cider van”.

Thistly Cross cider
Thistly Cross cider

De Whisky Cask is lekker, maar ik had de whiskysmaak steviger verwacht. Fenton zegt dat alleen maar proeven deze botteling geen recht doet: de smaak wordt intenser als je meer cider drinkt. Dat moet ik dan aan het eind van de dag maar eens proberen, maar nu moet ik nog proefnotities kunnen schrijven. Hij schenkt de Strawberry Cider voor me in, met 40% aardbeiensap, en daarna de Ginger Cider. Met beide ciders laat Thistly Cross zien vakmanschap te leveren. De aardbeiencider is perfect: de kleur van goud, een neus van aardbeienjam, zoet en zuur mooi in balans en precies genoeg koolzuur. En waar gember de neiging heeft om alle andere smaken te overstemmen, ben ik aangenaam verrast door een neus van superverse gember en een frisse cider die nog genoeg appeltjes over heeft.

Finnbarra

Finnbarra Tawny
Finnbarra Tawny

Een kraam verder staat Finnbarra. Gelegenheid om te spreken met de standhouder heb ik niet, zo druk is het er. Behalve een droge en een halfdroge cider, valt er ook een van de bijzonderste dranken van het festival te proeven: de Tawny, een zoete, drooggehopte cider – dat wil zeggen dat hop is toegevoegd om extra aroma’s aan de cider te geven. Je kunt de Tawny zien als alternatief voor port. Het heeft een volle smaak en is zoet maar niet te zwaar, omdat er ook flink wat zuren aanwezig zijn. En dan nog die bijzondere combinatie met hoparoma’s. Absoluut een hoogtepunt van het festival.

Nederlandse cider

Johan Holleman van De Vergeten Appel
Johan Holleman van De Vergeten Appel

Nederlandse ciders zijn goed vertegenwoordigd op het festival: Beer Cider was aanwezig met hun ‘gewone’ cider, die meerdere prijzen heeft gewonnen, en een lekkere drooggehopte cider. Ze gebruiken hand- en ciderappels uit Nederland en het zuiden van Engeland.

Verderop staat Johan Holleman van De Vergeten Appel, een geweldig initiatief dat verspilling van appels voorkomt: als je geen idee hebt wat je moet met de appelbomen in je tuin, komt De Vergeten Appel de vruchten bij je ophalen, om er vervolgens cider van te maken.

Redlove cider
Redlove cider

Daar tegenover staat Jacco Merkens van Redlove. Merkens is fruitteler, maar zocht naar nieuwe mogelijkheden om zijn bedrijf toekomstbestendiger te maken, want de sector heeft het moeilijk: “als ik alleen fruit blijf telen ben ik over een paar jaar failliet”. Hij ontwikkelde de Redlove appel, zowel van binnen als van buiten rood, en maakt daarvan sindskort cider. “Best lekker voor een Nederlandse cider”, zegt hij zelf. Wat mij betreft is hij te bescheiden. De cider heeft de kleur van rosé champagne, een fruitige neus en een delicate bubbel. Een heel aangenaam glas.

De nieuwe trend?

Cider is nog niet zo bekend in Nederland. Dat blijkt ook wel uit mijn gesprekken met festivalbezoekers en standhouders. Bezoekers weten niet zo goed wat ze moesten verwachten en vaak is het hun eerste ervaring met cider. Maar vooral hoor ik vaak: lekker! En als ik vraag wat ik nou écht moet proeven, dan volgt een diepe zucht en een ‘ik heb nog niks geproefd wat ik níet lekker vond’.

Margot Sanderse van Het Ciderhuis
Margot Sanderse van Het Ciderhuis

Cider heeft dus wel potentie in Nederland, lijkt het. Dat denkt ook Margot Sanderse van Het Ciderhuis. Terwijl ze me een glas At the hop inschenkt, een zeer aangename en aromatische cider, vertelt Sanderse dat cider in de lift zit in Nederland. De groeiende interesse in speciaalbier lijkt ook een positief effect te hebben op de belangstelling voor cider. Ik vraag haar hoe ze erbij is gekomen om met cider te gaan werken. “Ik heb een tijdje in Londen gewoond”, zegt ze lachend. In Engeland slaat het cidervirus blijkbaar hardnekkig toe. Nieuwsgierig geworden naar cider? Het Ciderhuis organiseert ook proeverijen.

Na zes uur lopen en praten en inmiddels heel wat proefglazen, is het mooi geweest. Met een glimlach op mijn gezicht en een fles cider in mijn tas om de avond mee af te sluiten, trek ik de deur van de Fenix Food Factory achter me dicht.

One Comment Voeg uw reactie toe

  1. Rob Alberts schreef:

    Ja, ook ik ben bij toeval met cider in aanraking gekomen.
    Maar overal waar ik kom probeer ik de cider.

    Lekker en een uitstekende dorstlesser bij een warme dag.

    Vrolijke groet,

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *